Hoezo, is telewerk niet hetzelfde als thuiswerk?

De ministeriële besluiten houdende dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus te beperken, leggen een waterval van maatregelen op. Zo moeten bedrijven zich onder meer zo organiseren, dat werknemers zo veel als mogelijk van thuis uit kunnen werken. Doen deze werknemers aan thuiswerk of aan telewerk? Gaat het om synoniemen? Of is er toch een verschil?

Definities

De arbeidsovereenkomstenwet definieert thuiswerk als arbeid die tegen loon wordt verricht in de woonplaats of op elke andere door de werknemer gekozen plaats, onder het gezag van de werkgever maar zonder onder diens toezicht of rechtstreekse controle te staan.

De cao nr. 85 definieert telewerk als een vorm van organisatie en/of uitvoering van het werk waarbij, met gebruikmaking van informaticatechnologie, werkzaamheden die ook op de bedrijfslocatie van de werkgever zouden kunnen worden uitgevoerd, op regelmatige basis en niet incidenteel buiten de bedrijfslocatie worden uitgevoerd.

Thuiswerk versus telewerk

Het juridische verschil tussen telewerk en thuiswerk situeert zich voornamelijk op twee vlakken: de aard van het geleverde werk en de vraag of er rechtstreekse controle is door de werkgever.1

Wat betreft de controle werd in de rechtspraak verduidelijkt dat het gebruik van informatietechnologie het voor de werkgever mogelijk maakt om de werknemers vanop afstand te controleren. Bij telewerk zal de werkgever de werknemer steeds rechtstreeks, d.i. op het moment zelf, kunnen controleren, b.v. door middel van een camera, mail of Skype Business. De thuiswerker daarentegen mag slechts onrechtstreeks gecontroleerd kunnen worden, bv. door te rapporteren aan de werkgever.

Het tweede onderscheidend element omvat de aard van het geleverde werk. In geval van telewerk moet het gaan om werkzaamheden die evenzeer op de bedrijfslocatie van de werkgever als thuis zouden kunnen worden uitgevoerd.

Een werknemer die administratief werk verricht van thuis uit via een laptop, internet, telefoonaansluiting en fax die door de werkgever ter beschikking worden gesteld, moet bijgevolg worden beschouwd als een telewerker.2

Verschil: kostenvergoeding

In principe is bij thuiswerk een forfaitair bedrag van 10 % van het loon verschuldigd als vergoeding van de kosten verbonden aan het thuiswerk.3

In geval van telewerk bestaat er voor de werkgever geen verplichting om de kosten van het telewerk te vergoeden; hij moet er enkel voor zorgen dat de werknemer beschikt over de nodige apparatuur.

Een werkneemster die de functie van software-ontwikkelaar thuis uitoefende, en hiervoor de nodige informaticamiddelen van de werkgever meekreeg (zoals laptop, webcam, fax, ..) werd door het Arbeidshof Brussel gekwalificeerd als een telewerker, waardoor zij geen aanspraak kon maken op een onkostenvergoeding als thuiswerker.4

Op 5 oktober 2020 besliste het Hof van Cassatie dat de kostenvergoeding voor thuiswerk niet verschuldigd was aan de werknemer die telewerk verrichtte in de zin van cao nr. 85, ook niet wanneer er geen schriftelijke overeenkomst voor telewerk werd afgesloten, zoals nochtans vereist volgens de cao nr. 85.5

Besluit

Als gevolg van de corona-pandemie zal werken vanop afstand nog meer de norm worden.

De begrippen thuiswerk en telewerk worden vaak door mekaar en zelfs als synoniemen gebruikt. De werknemer die vanop afstand werkt, zal in de meeste gevallen gekwalificeerd worden als een telewerker. Er zijn echter nog steeds situaties waarin de werknemer aan thuiswerk doet, in plaats van telewerk.

Het juridisch onderscheid is niet steeds eenvoudig, maar wel relevant: niet alle regels van thuiswerk zijn van toepassing op telewerk, zoals bijv. de regels inzake de kostenvergoeding.

Elke situatie zal concreet moeten worden geanalyseerd om uit te maken of de werknemer beschouwd moet worden als telewerker of als thuiswerker.

1 L.HELLEMANS en E.KARREMAN, Telewerk en huisarbeid in Reeks Sociale Praktijkstudies, Kluwer, Mechelen, 2018, 8, nr. 10
2 Arbrb. Leuven 29 juni 2017
3 Art. 119.6 Arbeidsovereenkomstenwet
4 Arbeidshof Brussel, 2 juli 2019, A.R. 2018/AB/278)
5 Cass. 5 oktober 2020, S.19.0008.N/1